Alain blogt op de motor

Powered by Honda and BMW

 

 

 

 

Deel 1: het zuidoosten van de VS.

 

Dit eerste deel van de reis start in Charlotte, North Carolina, en gaat over South Carolinea en Georgia naar Florida, tot het uiterste puntje, Key West, om dan noordoostwaarts te eindigen in Birmingham, Alabama.

 

 

 

Dag -1 (zaterdag 30 april 2022):

 

Christien zet mij omstreeks 14u af aan het treinperron in Eeklo.

 

20220430_135655

 

Na een laatste foto en een laatste kus keer ik haar de rug toe, letterlijk dan, en stap de trein op. Christien stapt in haar auto, en vervolgt haar weg naar de Sint-Gerolf kerk in Drongen, waar mijn kleindochter Jolien straks haar Eerste Communie ontvangt.

 

Zo een treinreis verloopt heel eenvoudig, eerder vervelend zelfs. Omwille van de korte trajecten tussen Eeklo en Gent, en vervolgens tussen Gent en Brussel, installeer ik mij nog niet voor mijn laptop om de blog aan te vullen. Ik hou mij vooral bezig met het tot rust brengen van geest en lichaam, na een maand van overlijdens en begrafenissen, administratieve plichtplegingen, vervanging van een collega, klussen aan onze woning, het voorbereiden van deze grote reis, en zelfs een periode van infectie door het Corona-virus.

 

Mijn hebben en houden bestaat nu uit enkele koffers. Ik ben zwaar beladen, en daarmee doel ik dan vooral op mijn grote valies, die net meer dan twintig kilo weegt, en gevuld is met een topkoffer, helm, Adventure laarzen, regenkledij en heel wat klein motomateriaal. Dan is er de kleine koffer met mijn kleren en motorbroek, en de tanktas met wat waardevoller materiaal zoals de laptop, de TomTom, en de camera.

 

 

Ondertussen ben ik dan toch in Brussel aangekomen en heb plaats genomen in een druk bezette wagon van de hogesnelheidstrein naar Frankfurt. De trein ziet er zowel binnen als buiten nagelnieuw uit.

 

20220430_160723

 

Al gauw laten we Brussel achter ons, richting Luik. Van het landschap is niet veel te bespeuren, want aan weerszijden van het spoor bevindt zich meestal een hoge aarden wal. Door nu en dan in een schicht het verkeer op de naastliggende snelweg te zien, krijg ik een idee van de werkelijke snelheid die deze trein hier in België haalt, en die zal wel dicht tegen tweehonderd per uur liggen. Zo een trein is erg comfortabel te noemen, tenminste als je abstractie maakt van de rol- en windgeluiden, te vergelijken met die in een vliegtuig.

 

Deze morgen was ik vroeg wakker, na een verkwikkende nacht. Dat was de vorige dagen wel even anders, waardoor ik gisteren de ganse dag moeizaam doorbracht. Eerst heb ik de praktijk definitief gesloten door mijn uithangbord aan de voorgevel te verwijderen, onder belangstellend oog van de buurman. Christien heeft dit plechtig moment vastgelegd op video. In de voormiddag nog even overlegd met mijn broer en zus, waarbij zij vanaf nu de fakkel overnemen voor de afhandeling van een aantal familiale dossiers na het overlijden van mijn vader. Zonder mijn vader was deze blog nooit tot stand gekomen. Hij drong altijd aan op het ontvangen van nieuws hoe het mij verging, eerst via email, wat ik dan enkele jaren later omzette in een blog, waar ik zelf later nog vele mooie herinneringen hoop uit te putten, eens het mezelf ook niet meer zo goed voor de wind gaat.

 

De trein vertraagt zachtjes Ik krijg bericht van Udo dat hij ook reeds onderweg is, maar Keulen reeds gepasseerd is, terwijl mijn trein Luik langzaam binnenrolt. De volgende twee uur hou ik mij dan toch wat bezig met de blog, want het is vervelend een achterstand te moeten inhalen. Vanaf Keulen loopt de trein halfleeg omdat heel wat reizigers hier overstappen voor een andere bestemming. Wat later eet ik mijn boterhammetjes op die ik thuis klaargemaakt heb, want ik hou niet van late maaltijden.

Uiteindelijk kom ik vlot aan in Frankfurt Flughafen, en betrek mijn kamer in hotel Hampton by Hilton.

 

 

Udo heeft nog niet gegeten, en heeft al een Italiaans restaurantje uit de buurt uitgekozen. Hij bestelt een pizza, waarvan ik een klein puntje eet.

Terug op mijn kamer rommel ik nog wat aan en ga slapen.

 

 

 

Dag 1 (zondag 1 mei 2022):

Frankfurt – Charlotte NC

 

Na een redelijk goede maar korte nacht neem ik de tijd om op gang te komen, en zet de blog van gisteren on line. Ik heb een mooie nette en zeer ruime kamer, en geniet nog even van de korte tijd die ik er doorbreng. Omstreeks zeven uur ga ik ontbijten. Udo heeft zich overslapen, want hij heeft nog wat moeite met de bediening van zijn gloednieuwe smartphone. Geen erg, want het vliegtuig heeft een uur vertraging. Hoewel zijn Coronatest negatief was heeft hij toch wat schrik dat de test niet zou aanvaard worden en hij zou tegengehouden worden. Dat is natuurlijk ook de schrik van vele andere reizigers…

 

 

In de luchthaven doorlopen we vlot alle controles, maar moeten dan wel nog zo’n drie uur geduld uitoefenen vooraleer we kunnen instappen in de Boeing 777-200 van American Airlines. We hebben geluk: er is een zetel vrij op onze rij, hetgeen ons wat meer ruimte geeft om eens de vleugels uit te slaan.

 

20220501_115920

 

Ik dut enkele keren in tot wanneer het middagmaal rondgedeeld wordt.

 

20220501_133004

 

Ik werk de vliegtuigkost zonder smaak naar binnen, wacht eerst nog wat vruchteloos op ‘den dienen met den hamer’, en haal dan maar mijn laptopje boven om nog wat te tokkelen, terwijl de lichten doven en andere mensen rondom mij de een na de anderen het bolletje laten knikken. Uiteindelijk worden de oogleden mij ook te zwaar, en gun ik ze de nodige rust.

 

Video vlucht Frankfurt - Charlotte

 

De vlucht duurt een negental uur, en door het tijdsverschil van zes uur bereiken we Charlotte Douglas Airport vroeg in de namiddag. We hebben gelukkig nog twee nachten om de jetlag te verteren vooraleer we de motorreis aanvatten. Over de vlucht zelf heb ik niets te vertellen, behalve dat deze zoals altijd een zekere marteling is, en bovendien gevaarlijk om een trombose op te lopen wegens gebrek aan beweging. De vlucht zelf is voortreffelijk verlopen, en bij aankomst sluizen wij probleemloos doorheen immigratie en douane. We moeten wel even wachten op onze bagage, omdat er buiten net een warmte onweder woedt, en het lossen van de bagage even onderbroken wordt.

Merle Fisher, de verhuurder van de motoren, staat ons reeds op te wachten en voert ons mee naar zijn woning. De motoren staan ons reeds fier en blinkend op te wachten. We blijven even rond de motoren hangen, laden wat materiaal uit, en laten ons vervolgens naar het hotel voeren.

 

 

De kamers blijken ruim en comfortabel. Het hotel is al redelijk oud, en hier en daar zijn renovaties aan de gang. De organisatie is echter rommelig, en bij navraag naar het uur waarop het ontbijt geserveerd wordt, krijgen we als antwoord dat er omwille van COVID geen ontbijt geserveerd wordt. Dit is larie natuurlijk, want hier in de VS wordt nog zo goed als geen enkele maatregel meer opgelegd, of zelfs spontaan gerespecteerd.

 

 

Ten andere, op het papiertje staat heel wat anders vermeld. Hiervoor zal ik alweer eens Booking.com moeten aanspreken.

Ik ga eerst nog wat inkopen doen in de FoodLion rechtover het hotel. Een en ander voor het ontbijt, en dan natuurlijk oog een muggen werend middel. FoodLion is destijds opgericht door Delhaize, is vermoedelijk wel de grootste voedingssupermarktketen van de VS, en maakt nu nog steeds deel uit van de Albert Hein-Delhaize holding.

’s Avonds gaan we eten in restaurant Lagz naast het hotel. Er worden Afrikaanse gerechten geserveerd, op zijn Amerikaans natuurlijk. Ik neem een slaatje met gegrilde zalm, erg lekker. Udo neemt een soort groenten fricassee met kip; ze noemen het ‘soup’.

 

20220501_185744

 

De kip blijkt echter maar halfgaar te zijn. Blijkbaar moet dit zo, want het stond vermeld ergens op het menu. Morgen hopelijk beter…

 

 

 

Dag 2 (maandag 2 mei 2022):

Vrije dag in Charlotte NC

 

Hoewel het ontbijt in de prijs inbegrepen is, blijkt er geen ontbijt geserveerd te worden. We ontbijten op mijn kamer.

 

Rond 9u komt Merl ons ophalen. De grote valiezen gaan in de auto, evenals het nodige materiaal om al enkele aan de motoren te doen. Zij garage is tegelijkertijd werkplaats voor zijn motoren, er staan er 5, en voor zijn beroep: hij is zelfstandig grafisch ontwerper.

 

We monteren eerst de bevestigingsplaat voor de topkoffer op de Kawasaki KLR van Udo. Ik heb zijn koffer vervoerd in mijn grote oude valies. Die paste daar net in. De montage lukt wonderwel heel vlot. Er moeten enkel twee extra gaatjes geboord worden. Dan volgt de montage van de GPS. Udo gebruikt een Garmin, ikzelf een TomTom. Ik zal wel een andere stekker op mijn TomTom moet zetten. Omstreeks 11u is alles klaar, en gaan we even koffie drinken bij Merle binnen. Hij prepareert ons een mooie en lekkere capuccino.

 

 

We maken er ook kennis met zijn vrouw, en met zijn twee dochtertjes: eentje van drie, en eentje van 1 week oud. Inderdaad, zijn vrouw is net bevallen. Het meisje van drie installeert zich naast mij aan tafel en gaat aan het tekenen.

 

 

 

Merl is van Duitse Amish komaf. Hij verstaat wel enkele woordjes Duits omdat hij deze als klein kind hoorde van zijn ouders en in de Amish gemeenschap. De motor waarmee ik rij is trouwens van zijn broer Joshua. Vandaar dat de motor in Pennsylvania ingeschreven is.

 

IMG-20220504-WA0016

 

Om 12 uur zetten we aan voor een testrit. Onderweg stappen we een Italiaan binnen voor de lunch. We nemen beide een salade, niet superlekker, maar wel vullend.

 

Terug bij Merle doen we nog wat aanpassingen aan de vering.

 

 

Dan het nodige papierwerk, enkele foto’s, en dan terug naar het hotel, op de motoren ditmaal. De valiezen blijven bij Merle tot onze terugkeer binnen drie maanden.

 

Nu wat inkopen doen, en een Amerikaanse telefoonkaart kopen welke we ook in Canada kunnen gebruiken. Dat laatste neemt wel wat tijd in beslag, maar komt uiteindelijk nog goed. De knorrige winkelbediende is zo blij dat het gelukt is, dat ze er ineens erg vrolijk van wordt. Dan nog een bezoekje aan een zaakje van auto-onderdelen, en verder aan de ‘Family Dollar’, een brolsupermarktje zonder versproducten, en vervolgens aan de Walmart.

 

Terug naar het hotel en de bagage beginnen schikken op de motoren. Honger hebben we nog niet, maar toch eten we wat brood en een halve banaan, om deze nacht niet wakker te worden van de honger.

 

 

 

Dag 3 (dinsdag 3 mei 2022):

Charlotte NC – Anderson SC – 150 miles

 

Vroeg wakker, maar toch goed uitgeslapen en geen jetlag meer.

 

Er is geen ontbijt, dus dan maar weer zelf een ontbijtje gefikst op de kamer. Granencrunchies, melk, kaas, confituur en meergranenbrood, koffie.

 

Motoren laden en bagage schikken en herschikken, tot het lukt om alles er net in te krijgen. Mijn plastic bakjes passen wonderwel en zijn erg dienstig.

 

 

We vertrekken vol moed en verwachtingen, en steken algauw de staatsgrens over tot in South Carolina. De weg is redelijk druk en passeert langs Clover tot Gaffney. Het is nog wel wat wennen aan de mijlen in plaats van kilometers, en dat zowel om de afstanden in te schatten, als de snelheid welke we rijden.

 

In Gaffney houden we een koffiestop in het Waffle House. Een lekkere wafel en een hele gebeurtenis: de dienster is erg vriendelijk en erg geklappig. Ik schat ze zo’n 5 á 10 jaar ouder dan mezelf, hoewel je nooit weet wat roken, drinken, of ziekte allemaal reeds aangericht heeft. Werkt ze om den brode, voor het sociaal statuut, of uit verveling? Ze doet haar werk duidelijk graag, en bedient ons als prinsen.

 

20220503_121316

 

Hier start de Cherokee Foothills National Scenic Byway. Het is de langste en bekendste schilderachtige byway in South Carolina. De route is 118 mijl lang. Het wordt Cherokee Foothills genoemd omdat het door de uitlopers loopt die te vinden zijn aan de voet van de Blue Ridge Mountains, het voorouderlijk huis van de Cherokees.

 

Volgende stop is het Cowpens National Battlefield, een enorm goed onderhouden park, waar je zowel met de auto als te voet kunt in rondtrekken.

 

 

Hier vond zo een 240 jaar terug een bloedige veldslag plaats tussen Engelsen en Republikeinen, waarbij de laatsten een het onderspit moesten delven. Enkele jaren later werden de VS definitief onafhankelijk.

 

We passeren langs serres, fruitboomgaarden en aardbeienvelden, met bovenop de heuvel een enorme, druk bezochte ijsjeszaak: de Strawberry Hill Ice Cream Parlor.

 

 

De passage door Greenville is vreselijk. Geen files, maar zo een twintig kilometer lintbebouwing met verkeerslichten elke 500 meter. Zoiets moeten we vanaf nu toch vermijden. De rit was mooi, maar nog niet zoals het moest zijn. Te weinig genoten, te weinig gestopt, te weinig foto´s. We moeten nog in het ritme komen.

 

 

Nog even tanken. Het verbruik valt erg mee, gelukkig, want de dollar is duurder geworden, en de benzine zelf ook nog. Diesel is niet veel goedkoper meer dan bij ons.

 

 

Dit is een leuk oud motelletje, niet echt proper, maar wel ordelijk en net, en erg vriendelijk.

 

 

We werken nog even aan de motoren: ketting van de KLR wat losser zetten, bandenspanning iets lager, en scherm wat aanpassen. De ketting was vermoedelijk op spanning gezet met de wielen los van de grond, hetgeen niet correct is: dat moet steeds gebeuren met de belaste achterste schommelarm. Anders krijg je al zeer snel slijtage van de ketting, en vooral van de uitgaande as van de motor, wat een zeer dure herstelling nodig maakt, waarbij de ganse motor open moet.

 

 

Naast het hotel is een hamburgerzaak, maar dat lijkt ons niets. Dan maar op stap om uiteindelijk een kilometer verder te belanden in … alweer een hamburgerzaak. We krijgen een hele uitleg want je kan je hamburger hier zelf samenstellen met van alles, waarbij voor elk item het belletje van de kassa gaat rinkelen. De Salad Bar is gratis. Waarom niet, want bijna niemand eet slaatjes… Het oogt mooi en geeft een gezonde uitstraling aan de zaak. Je krijgt hier een mooie snapshot van de doorsnee Amerikaanse gemeenschap.

 

 

Dan even een wandeling en terug naar het hotel om de blog op punt en on line te zetten. Dat is dringend nodig.

 

 

 

Dag 4 (woensdag 4 mei 2022):

Anderson SC – Savannah GA – 250 miles

 

Er wacht een grote rit, maar nu staan we klaar, en verwachten geen vertragingen in stedelijke agglomeraties.

 

Ik slaag er eindelijk in om de blog bij te werken en wat contacten te hebben met het thuisfront. Er is een tijdsverschil van zes uur, en het is dus puzzelen om niemand wakker te maken midden in de nacht of tijdens het middagdutje.

 

Het heeft deze nacht zwaar geregend. Ik werd zelfs enkele keren even wakker van de donderslagen. Ondertussen is alles quasi droog, en wordt er verder geen regen verwacht.

 

Het ontbijt is erg beperkt in variëteit, maar overvloedig in volume. Een andere meevaller is de aanwezigheid van de koffiemachine die enkel koffie zonder coffeïne aflevert. Je kunt zelf je wafel maken. Een dispenser levert deeg in een bekertje, je sprayt wat olie op de wafelijzers, giet de deeg op de hete plaat, sluit het wafelijzer, en laat je wafel 2,5 minuten garen en bakken. De wafel is gebakken, maar niet gaar, en de smaak zal ik niet beschrijven, om niemand de eetlust te ontnemen voor de rest van de dag. Kortom, geen goede ervaring. Gelukkig zijn er bananen, en overvloedig zoete crunchies, alweer uit een dispenser. Er is echter geen melk. Gelukkig heb ik een voorraadje kleine flesjes melk in mijn motokoffer.

 

 

We rijden doorheen een prachtige streek: bossen, weiden, heuvels, hier en daar mooie historische hoeven en huizen. Het wordt al snel warmer, en het lichte truitje verdwijnt in de koffer.

 

20220504_102843

 

We stoppen even in Willington, een dorpje van 10 huizen. Het museum is dicht. Het gaat pas open om 11u.

 

 

We houden halt voor een koffie aan een tankstationnetje annex miniminisupermarktje, gerund door een echtpaar van Indische komaf. De man vertelt dat zijn ouders, Sikhs uit de Punjab, naar hier emigreerden toen hij een jonge tiener was. Hijzelf draagt geen tulband meer, en zijn kalend grijze kruin is kort geknipt. Zijn vader en broer dragen nog steeds een tulband, met daaronder de lange haren die nooit geknipt worden. Udo neemt een worstenbroodje bij de koffie, om zijn eerste honger wat te stillen.

 

We steken de Savannah rivier over en komen zo terecht in een andere staat, Georgia. Alweer moeten we doorheen een stedelijke agglomeratie, van Augusta ditmaal, maar dit gaat vlot, en we doorkruisen een heel andere streek, ook groen en bossig, maar veel stoffiger met een bleke zanderige grond, wat irrigatie nodig maakt om hier iets te laten groeien.

 

We zoeken vruchteloos een mooi plaatsje om te picknicken, maar vinden uiteindelijk een tafel met bank onder een grote altijdgroene eik, behangen met slierten wit Spaans mos.

 

 

We eten wat crunchies met melk, rusten even wat, en zetten de weg weer verder, op zoek naar een koffie ditmaal, want de warmte en de vele afgelegde kilometers eisen hun tol.

 

Sylvania in Screven County is een prachtig klein historisch stadje.

 

 

Het is hier ruim boven dertig graden warm. We stappen af aan een mooi koffie en ijs zaakje. De school is net gedaan, en moeders komen binnen met hun kroost en schuiven aan voor een ijsje.

 

 

Nog een laatste inspanning brengt ons in Savannah, een enorme havenstad, waar de Savannah rivier uitmondt in de Atlantische oceaan. Ons hotel is net aan de rand van een gigantische container terminal, waar containers overgezet worden op treinwagons. Er is blijkbaar ook een militaire luchthaven in de buurt, want straaljagers bulderen herhaaldelijk op lage hoogte boven onze hoofden. We checken in in Carole Motel. In onze kamer liggen oordoppen klaar…

 

 

Het is ondertussen reeds 17 uur. We douchen snel, en nemen dan de motor naar het centrum van Savannah, zowat vijf kilometer verderop. Savannah is omwille van zijn haven een van de oudste steden van de verenigde Staten. Het historische centrum is erg charmant, en heeft zowel statige herenhuizen als grootse pakhuizen, verbouwd tot dure hotels, winkels en lofts.

 

 

De oude loskade is omgevormd tot promenade, afgeboord met een verschrikkelijke kasseiweg, waar de auto’s letterlijk stapvoets voorzichtig over heen hobbelen. Aan de kade ligt een enorme boot met schoepenrad achteraan.

 

20220504_181533

 

Er zijn veel mensen op straat.

 

 

We wandelen langsheen lanen met statige eiken, rusten even uit op een bankje, observeren de nijvere eekhoorntjes, doorkruisen groene pleintjes, komen weer terecht in de winkelstraten, en stappen dan binnen bij de Mexicaan voor een lekkere hap. En het is wel degelijk lekker: kip met spinazie, rijst, champignons en bruine bonensaus. Udo doet zich tegoed aan enkele enchiladas.

 

 

Wanneer de schemering zich inzet keren we terug naar het hotel.

 

 

Het is 21 uur. Ik heb ondanks alle de havengeluiden alweer niet de minste moeite om binnen de slaap de vatten: een kwestie van seconden. De oordoppen liggen onaangeroerd op het nachtkastje.

 

 

 

Dag 5 (donderdag 5 mei 2022):

Savannah GA – St Augustine FL – 200 miles

 

Deze nacht werd ik niet wakker door overvliegende straaljagers, maar door het gefluit en gedaver van de enorme goederentreinen, die hier dag en nacht geladen worden voor transport naar het enorme binnenland.

Bij het wakker worden echter merk ik dat het gedaver niet enkel kwam van de treinen, maar ook van de enorme koelkast in mijn hotelkamer. Er is hier geen tafel of bureau aanwezig, dus werk ik noodgedwongen de blog bij al zittend in mijn bed.

 

Wanneer ik rond 7uur de motor ga inspecteren komt Udo ook buiten. De zonsopgang stuurt haar eerste geelrode stralen op het kleine terrasje voor mijn motelkamer. We plaatsen de stoelen buiten en stellen zelf een ontbijtje samen met wat brood, kaas, confituur, crunchies, melk, en koffie. We observeren het verkeer op de drukke havenweg voor het hotel. Een kleine zwarte pagadder van nog geen twee jaar met hangende luier komt even piepen uit de deur van de kamer naast mij en roept ‘Hi there!’, en rent weer naar binnen waar een rauwe vrouwenstem hem tot de orde schreeuwt. Dit tafereeltje herhaalt zich steeds maar, tot we ook de vrouw te zien krijgen: een oude afgeleefde oma, rechtstreeks gestapt uit het bekende boek van Tom Sawyer.

 

Vervolgens motoren laden, gaan tanken, en we zij weer vertrokken. We zien tweemaal een zwaar verkeersongeval. De grote vierbaanswegen gaan geleidelijk over in kleinere landelijke wegen doorheen een dicht beboste streek met rivieren, kreken, en moerassen. Pijnbomen en eiken, beide behangen met Spaans mos, wisselen elkaar af, en geven een welkome koelte, want het is alweer drukkend warm. Twee auto’s op de andere rijstrook hebben halt gehouden. Een vrouw is uitgestapt en heeft het letterlijk aan de stok met een kleine overstekende schildpad, die ze met de stok tracht voor te duwen tot aan de rand van de weg.

 

In Brunswick is het tijd voor een eerste koffie. Zeig’s Cafe wordt gerund door een ouder koppel. De vrouw spreekt geen Duits meer, want was tien jaar toen haar ouders hier emigreerden. Ze loopt heupwiegend rond in korte witte short met gebruinde rimpelige zonnebankbenen. Alweer zien we echt oude mensen die noodgedwongen nog werken, want pensioen en sociale zekerheid zijn hier minimaal. Het cliënteel van het cafeetje is vooral van bovengemiddelde leeftijd zoals wij. Udo neemt er ook een slaatje bij; ikzelf een minuscuul aardappelslaatje, maar wel lekker.

 

Wat verder steken we de St Marys rivier over. Florida verwelkomt ons met grote borden. We omzeilen de drukke stad Jacksonville langs Fernandina Beach. Hier is het al 34 graden warm, en er is veel verkeer, vooral toerisme.

 

 

In Mayport nemen we de veerboot over de St Johns rivier en verlaten dan wat verder de drukke vierbaans verkeersboulevard met talloze stoplichten, en ruilen die in voor de mooie Ponte Vedra Boulevard, met statige en dure huizen op de smalle duinenstrook tussen strand en weg. Elk huis heeft zo zijn eigen privéstrandje. Hier en daar vangen we toch een glimp op van de weidse Atlantische Oceaan.

 

In St Augustine zoeken we ons hotel op, smeren de ketting van de motoren, en brengen de bagage naar de kamers. Deze zij ruim en comfortabel. Dat doet wel even deugd na het verblijf in Savannah, dat wel even deed denken aan de eenvoudige hut van Uncle Tom.

 

 

Na even af te koelen in de kamer met airco en op te frissen onder de douche, gaan we weer de hort op, naar het stadscentrum, een grote twee kilometer verderop. We passeren eerst de enorme campus van een blinden en dovenschool. Alles straalt hier rijkdom uit. Onderweg passeren we allerlei toeristische attracties, minipretparkjes in Disney stijl, toeristische treintjes, en restaurantjes, en ook een aantal mooie huizen.

 

 

Florida hoorde vroeger bij Mexico, en de Spaans-Mexicaanse erfenis is duidelijk aanwezig, maar spijtig genoeg vaak over gerestaureerd tot een kitscherig geheel. De vele toeristen voelen zich hier wel in hun sas. Hiervoor kwamen ze naar Florida.

 

De Castillo de San Marcos is gelukkig gespaard van enige Disney omkleding: de stenen waaruit het opgebouwd is bestaan uit aaneen geklitte schelpenresten, niet al te stevig, maar gelukkig nog in heel mooie staat.

 

 

We overzien hier een mooie baai, met wat verder de enorme statige Leeuwenbrug.

 

 

Er waait een aangename heel lichte bries. Op dit moment beseffen we ten volle wat oudere mensen, (met veel geld natuurlijk), hier in Florida komen opzoeken.

Het stadje zwelgt ons vervolgens op en omarmt ons met opdringerige graaiende uitstalramen van winkels en horeca. Hier en daar is nog een mooi stukje restant van de oude Spaanse architectuur te zien.

 

 

Door die lange wandeling zijn we echter te laat in een mooi restaurant met tuinterras, en moet ons tevreden stellen bij de Thaï even verderop. Gelukkig krijgen we er een lekker maaltijd te verorberen: Udo een grote groentesoep met noedels, en ikzelf een rijst met vleesgerecht. Het kleine dochtertje van de uitbaters, ik schat ze drie jaar oud, loopt er kraaiend rond, en is geïntrigeerd door mijn rugzak, die op de stoel ligt naast mij. We zijn de laatste klanten om het restaurant te verlaten.

 

 

Goed gevuld hebben we nog een kilometertje in het donker voor de boeg tot het hotel, waar ik omstreeks elf uur in bed kruip.

 

 

 

Dag 6 (vrijdag 6 mei 2022):

St Augustine FL – Cocoa Beach FL - 150 miles

 

Deze comfortabele kamer met bureau laat mij toe om vlotter wat administratie af te handelen, en onze belevenissen van gisteren neer te pennen.

 

Het ontbijt is naar verwachting ´Continentaal´ op zijn Amerikaans. De walm van wafels komt mij al tegemoet bij het verlaten van de lift. Udo laat zich toch verleiden, maakt zelf een wafel klaar, en geeft mij een stukje om te proeven.

 

 

Ik laat beleefd deze kelk aan mij voorbijgaan. Er is ook een keuze aan korrels, die mij teveel aan konijnenvoer herib¿nneren.

 

 

Gelukkig zijn er grote omeletten, wel wat zout, maar best te eten. Er is dan ook nog een ondefinieerbare gebakken reep, die net nog te eten is.

 

 

Wat toastjes, een bagel, witte kaas en een appel vervolledigen het geheel. En dan natuurlijk is er gelukkig nog wat koffie om alles door te spoelen.

 

 

We kunnen er weer tegen tot ruim na de middag.

 

De ganse dag pogen we de kustlijn zo dicht mogelijk te volgen. We bereiken Daytona omstreeks de middag. Terwijl Udo een foto gaat nemen van het strand van Daytona, bewonder ik een prachtige oude Chevrolet pick-up uit de jaren vijftig, gans roestig, maar onderhuids totaal gepimpt en getuned.

 

 

Ik heb geluk, want de eigenaar komt er net aan, en verlaat de parking met gierende banden. Ik heb hem op de video!

 

Gesprekje met Georg Golimo.

 

 

De man komt aangereden op een fietsje, en spreekt mij spontaan aan in het Duits, maar is in feite van Griekse afkomst. Hij werkte lange tijd als ingenieur voor de Amerikanen in Bremen, om na de oorlog de U-boot onderzeeër technologie voor de Amerikanen te onderzoeken, en emigreerde later naar hier. Hij toont mij hoe te rijden om het racecircuit van Daytona te bereiken langs de iconische Ocean Drive en Speedway Boulevard.

 

Maar eerst tijd voor een koffie op een terrasje. Het wordt echter een ijskoffie, heel erg verfrissend, en met uitzicht op de Ocean Drive.

 

 

Dan een kleine fotoshoot aan de Daytona Speedway, waarvan we enkel de buitenkant en de enorme tribune te zien krijgen.

 

 

Aan Cape Canaveral bezoeken we het Kennedy Space Center heel summier aan de buitenkant, want voor een volledig bezoek moet je hier vanaf ’s morgens komen.

 

 

Na een rit door het ganse schiereiland komen we behouden aan in het hotel.

 

 

Na douchen en omkleden gaan we om zes uur op stap. Het is nog steeds meer dan dertig graden. Eerst wat eten, bij de Mexicaan in de buurt, eetbaar, gezond, maar niet echt lekker, en zeker niet smakend naar meer.

 

 

Het zaakje is proper en wel leuk aangekleed, met wat verwijzingen naar allerlei haaien.

 

 

Dan op naar het strand. Krabben, zeewier, vogels, de oneindigheid van de verre horizon, een flauwe branding, een ondergaande zon, en een klein aangenaam windje, dat zijn best doet om toch iets van de warmte te verdrijven. Wat wil je nog meer?

 

 

We wandelen tot aan de schemering en bereiken na een paar mijl uiteindelijk de pier, die verlicht is met duizend kleine lichtjes, en zodoende het nachtleven op gang brengt.

 

 

We keren terug langs de weg in plaats van het strand, om niet het risico te lopen in het donker een enkel om te slaan in een putje, gegraven door een ijverige peuter.

 

De nacht, en vooral ons bed, brengen genade, na alweer een onverwachte aanslag op ons tanend uithoudingsvermogen.

 

 

 

Dag 7 (zaterdag 7 mei 2022):

Cocoa Beach FL – Key West FL - 350 miles

 

We onderzochten verscheidene opties voor het bezoek aan Key West, en we kozen voor de grote rit erheen, en de overnachting ter plaatse. Zodoende vermijden we zowel bij het heenrijden als bij het terugrijden de grote drukte op de ene weg doorheen de Keys.

 

Om vier uur ben ik wakker, draai en keer, en dommel nog wat in, en sta dan pas op wanneer de wekker gaat om 5 uur. Udo en ik delen hier een suite op de vierde verdieping, en dat is letterlijk te nemen: ik moet doorheen Udo’s kamer om naar het toilet te gaan. Om hem niet wakker te maken ga ik naar beneden naar het toilet in de lobby, en keer dan terug naar boven. Oei! Mijn kaart werkt niet. Ik probeer enkele malen vruchteloos, en merk dan pas dat ik op het verkeerde verdiep zit. Ik hoop dat ik de bewoners van die kamer niet wakker gemaakt heb, of nog erger, de stuipen op het lijf gejaagd heb.

 

Ik werk aan de blog. Een bureau of een tafel is er niet… Of toch wel, een strijktafel.

 

 

Om zes uur ontbijten we, op de strijktafel, om dan net voor acht uur, in de relatieve ochtendfriste te kunnen aanzetten.

 

Die lange ritten zijn nooit een pretje, maar nu en dan onvermijdelijk. Zo een epische reis, waarbij we van de ene iconische plaats naar de andere trekken, heeft dus nu en dan ook wel de trekjes van een odyssee.

 

De temperatuur loopt op tot 36 graden.

 

Een lange rit doorheen een agglomeratie van ruim driehonderd kilometers, waarbij enkel de namen wisselen: …, Palm Beach, …, Fort Lauderdale, …, Miami, en als laatste Homestead, waar we een via een strak afgeboorde weg de keys oprijden, een ketting van eilanden, met elkaar verbonden door bruggen en dijken, en dan helemaal aan het eind Key West. Het uitzicht wisselt continu.

 

 

Onderweg verwerken we enkele korte warmteonweders, de eerste twee met regenpak, de laatste met motor en al onder een portiek van een medisch centrum, gelukkig gesloten. De frisse begroeiing op de keys verraadt de frequente regenbuien die deze regio te verwerken krijgt. De bruggen dijken bieden de nodige hoogte van waarop we dit landschap in al haar pracht kunnen aanschouwen.

 

 

We nemen zoveel mogelijk indrukken in ons op van de wisselende uitzichten van de zee en de vele kleine eilandjes.

 

 

Toch overheerst op vele plaatsen de uitbating door de mens: vele campings, haventjes, met zowel vissersbootjes als jachten, vakantieparken en dorpen, en alle horeca en pret die hierbij komt kijken.

 

 

We komen net op tijd aan in Key West zijn om ons om te kleden, te wandelen naar de kade, en nog de warmrode wolken aan de einder te bespeuren, die afgegeven worden door de zon, die al wat eerder besloten had om zich achter enkele donderwolken te rusten te leggen.

 

Het ene zeiljacht na het andere schuift langzaam voorbij de nog flauw verlichte einder.

 

 

De kleine pier doet dienst als podium voor de ene fotoshoot na de andere.

 

 

Wanneer het helemaal donker is zoeken we iets te eten. Er is hier een bruisend nachtleven, en de politie houdt een oogje in het zeil.

 

 

We nemen geen risico, en zoeken een rustig terrasje, alweer bij de Thai. Het blijkt alweer geen slechte keuze, want lekker en gevarieerd in één schotel.

 

 

Dan terug naar het hotel, een leuke koloniaal aandoende woning in feite, opgedeeld in kleine kamertjes, en een studio annex slaapkamer onder de pannen, welke wij betrekken. We blijven nog even buiten zitten onder het portiek, maar na een eerste muggensteek spoed ik mij naar binnen.

 

Ik ga al gauw onder zeil, hoor nog net alweer een onweer losbarsten, en zak vervolgens diep weg… heel diep.

 

 

 

Dag 8 (zondag 8 mei 2022):

Key West FL – Naples FL - 250 miles

 

Het is zondagmorgen. Vannacht heeft het inderdaad nu en dan geregend, maar de straten liggen er alweer quasi droog bij. Alles is rustig buiten, en zo doen wij het ook: een rustig klein ontbijtje, langzaam op gang komen, om dan rond tien uur te vertrekken en dit iconisch pareltje achter ons te laten. Zo maken we plaats voor anderen om ook eens, zij het heel even, te proeven en te dromen van een verblijf in dit idyllisch oord. De harde realiteit is echter dat dit mooie plaatsje overbevraagd en overbezocht is, en zodoende al lang niet meer die parel die het misschien ooit geweest is. Maar deze rustige zondagochtend in Key West, de mooie cottages in drukke minuscule tuintjes vol palmbomen, enkele zeldzame personen op straat, misschien op weg naar het bakkerswinkeltje verderop, die nemen ze me niet meer af.

 

De terugweg over de Keys verloopt nu rustiger, met wat meer oog voor de mooie kleine dingen.

 

 

Leguanen warmen zich op aan de rand van de weg: het is daar net wat warmer door de aanwezigheid van de zwarte tarmac. De herten die hier een natuurlijke habitat hebben krijgen we niet te zien, behalve op de vele gele waarschuwingsbordjes.

 

We krijgen alweer enkele fikse regenbuitjes te verwerken. Vanuit een zwarte donderwolk hangt een lange slurf tot op het wateroppervlak: de kleine tornado met een diameter van een tiental meter zuigt grote hoeveelheden water op naar boven, om dat dan, ik weet niet waar, ergens te gaan lossen.

 

Er is alweer veel verkeer, en de politie is frequent zichtbaar om snelheidsovertreders af te schrikken en zo nodig aan te pakken.

 

Rond twaalf uur stoppen we even voor een koffie bij Michel, een fransman die hier een gat in de markt gevonden heeft: een cafetaria met lekkere koffie, quiches, crêpes en koffiekoeken.

 

Eens op het vasteland doorkruisen we de een uitgestrekt natuurgebied westwaarts op de grens tussen de Everglades en het grote cipressenmoeras.

 

Hier wonen ook beschermde minderheden, de Seminole en Miccosukee, de oorspronkelijke bewoners van dit land.

 

Door middel van ‘airboats’, platte schuiten met een grote windturbine aandrijving achteraan, kun je de moerassen bezoeken.

 

 

In het Oasis Visitor Center houden we even halt om de alligators te observeren.

 

 

In Naples vinden we een goed hotel met ruime kamers en parking net voor de deur, zodat we gemakkelijk even het noge onderhoud aan de motoren kunnen verrichten.

 

 

Udo gaat wat inkopen doen, en ’s avonds gaan we eten, alweer bij de Mexicaan.

 

 

Die Mexicaanse tenten leveren voldoende variatie in het menu. Het is alweer lekker eten, hoewel te zout.

 

 

We wandelen in de schemering terug naar het hotel langs een mooi omzoomde laan.

 

 

 

Dag 9 (maandag 9 mei 2022):

Naples FL - St Petersburg FL – 150 miles

 

Hier krijgen we vast het mooiste ontbijt sedert het begin van de reis: in de tuin naast het zwembad, onder een dak van palmboomtakken, en continu verfrist door een lichte bries.

 

 

Het buffet is beperkt. Buiten de gekookte eieren en kleine potjes witte smeerkaas is quasi alles weer zoet: bagels, rozijnenbrood, havervlokken , cornflakes.

 

 

We stappen de motoren op en rijden noordwaarts tot Fort Myers, dat nog een historische binnenstad heeft, met nog heel wat Art Deco gebouwen, en een parkje met een enorme boom.

 

 

We rijden nog even door het Art Deco stadje, en bezoeken even de haven, waar niet veel te beleven valt.

 

 

We nemen vervolgens de snelweg, en bereiken na een tijdje  de enorme Sunshine Skyway Bridge over de Tampa Bay.

 

mp3mp4/tampabay.mp4

 

De brug is bijna 7km lang en in het midden meer dan 50 meter boven het water, zodoende de grootste brug van Florida, en brengt ons rechtstreeks in Saint Petersburg, die haar naam ontleent aan de vroegere Russische hoofdstad.

 

Ons hotel is gelegen in de binnenstad. Straatnamen krijgen hier vaak gewoon een nummer, en het oude hotel werd er dan ook naar genoemd. We worden ontvangen door een jonge vrouw uit München, en het gesprek gaat dan ook volledig verder in het Duits.

 

 

 

Het interieur is heel klassiek, wat je zelfs in Europa niet zo vaak meer aantreft.

 

 

Ik boek snel een bezoek aan het Dali Museum, dat kan enkel online, en een kwartiertje later wandelen we rustig naar een museum, twee kilometer verder gelegen aan de Tampabaai, tussen de jachthaven en een kleine luchthaven.

 

 

Dit museum bevat naast dat van Figueres in Spanje de grootste collectie van Salvador Dali.

 

 

Hier zijn vooral schilderijen te zien, en in mindere mate wat plastische kunst, vooral in de tuin.

 

 

Het grote gebouw, een architecturaal pareltje, herbergt ook een kleinere tijdelijke tentoonstelling van Pablo Picasso, evenals een hele collectie kleine schilderijtjes van studenten, allen op dezelfde grootte, allen met een surrealistische of avant-gardistische inslag.

 

We wandelen nog wat doorheen de stad, waar nog volop gebouwd wordt, grote luxueuze projecten en parkgarages.

 

 

Toch staan er nog heel wat historische gebouwen, meestal zo’n honderd jaar oud, vaak in art Deco stijl. Hier en daar een parkje, waar heel wat daklozen rondhangen en verkoeling zoeken in de schaduw.

 

 

Terug in het hotel word ons een drankje aangeboden, en babbelen we even met de andere gasten en met de eigenaar, die zijn vrouw in München leerde kennen, en haar naar hier meenam.

 

’s Avonds gaan we eten in de ‘Colony Grill’, die, niet zoals haar naam doet vermoeden, enkel nog pizza’s serveert. De uitbater stopte enkele jaren terug met de keukenformule van zijn ouders en grootouders wegens de afname aan interesse, en schakelde over op pizza’s. Bijzonder is wel dat de pizza bedekt is met een dit bed salade, en zodoende een gezondere en frissere inslag krijgt.

 

 

Bij de bediening loopt het mis, en krijgt Udo een stuk pizza op zijn schoot. We krijgen prompt een duizend excuses, een nieuwe pizza, en een gratis maaltijd.

 

 

Om alles wat te laten zakken, zakken we zelf nog even af naar de waterkant, langsheen het museum, en dan omstreeks tien uur terug naar het hotel.

 

 

 

Dag 10 (dinsdag 10 mei 2022):

St Petersburg FL – Cedar Key FL– 150 miles

 

Ik heb tot nu toe al erg veel geluk gehad met de bedden in de Amerikaanse hotels: bijna altijd zacht genoeg om niet ´s nachts wakker te worden. Zo heb ik ook deze nacht goed geslapen, ondanks het geronk van de buurman.

 

Het ontbijt wordt geserveerd in de kleine lobby, en heeft een echte continentaal karakter: hardgekookte eieren, heel licht bruin brood, dat toch best getoast wordt, iets wat lijkt op keizersbroodjes, maar steviger, yoghurtjes, smeerkaas, fruitsap, bananen, granen in dispenser, echte Nutella, en lekkere koffie. Sommige gasten nemen enkel wat koffie en granen, en zijn dan snel weer weg. Opeens zijn alle tafeltjes bezet, en worden de zetels ingenomen

 

Terug op mijn kamer raap ik mijn ganse hebben en houden samen, hang alles aan mijn lichaam, en verlaat het hotel beladen als een kapstok. De zon slaat reeds hard toe, en ik verplaats de motor naar een lommerrijk plaatsje, in afwachting dat Udo er ook aan komt.

 

De eerste uren rijden we eerst doorheen een bebouwde agglomeratie, vaak lijkend op een meubelboulevard, en heel even ook over een dijkachtige brug over de Tampa Bay.

 

Onderweg zien we een grote winkel van Harley Davidson. Mijn handschoenen zijn wat versleten, er is al een gat in de duim, en ga kijken of ik hier niets vind naar mijn gading. En jawel, ik vind er die er mij degelijk genoeg uitzien, en geventileerd zijn.

 

 

Op de middag vinden we in Sugarmill Woods een mooi cafeetje met een oud interieur, ietwat etnografisch aandoend, waar we een kleinigheid nuttigen. Udo kiest Kielbasa, wat een typische worst is van hier, maar waarvan de naam ontleend is uit het Pools of komt van het Russische kolbasa. Vermoedelijk is het eerder dat laatste, want Florida heeft de tweede grootste Russisch sprekende gemeenschap van gans de VS: meer dan een kwart miljoen.

 

 

Vanaf Sugarmill Woods rijden we doorheen een dichtbebost gebied, vooral met cipressen, maar blijft het een vierstrooks rijweg, maar dan nog nauwelijks bereden.

 

 

De kamer van het motel is sober mooi versierd.

 

 

Cedar Key is alvast niet zo bekend als Key West, ligt niet aan het uiteinde van een hele reeks Keys, heeft ook geen iconisch ´Sunset Views Point´, maar is wel de tweede oudste stad van Florida, heeft ook mooie oude cottages.

 

 

Het straalt de ganse dag rust en vakantie uit.

 

 

Er zijn hier veel kleine mugjes, nauwelijks waar te nemen, dus neem ik maar eerst een douche, en smeer mij dan in met DEET 100%.

 

Van de mugjes heb ik geen last meer. Ik maak een kleine wandeling tot aan het supermarktje, en kijk er even rond. Van veel producten is de prijs niet vermeld. Maakt vermoedelijk niet veel uit als je hier iets dringend nodig hebt. Er zijn verder verschillende leuk uitziende winkeltjes en horeca-zaakjes, een museum, en een politiekantoortje met elektrische golfwagentje als dienstauto. Het stadje is in feitje maar een dorpje en telt minder dan duizend inwoners. Er is ook een klein luchthaventje.

 

 

We gaan ’s avonds eten in een restaurant Steamers, waar we pasta met zeevruchten bestellen, wat we smakelijk naar binnen werken.

 

 

Het restaurant is binnenin behangen met briefjes van 1 dollar, échte, die vastgeniet zijn aan de wand en een boodschap van de klant bevatten, die het biljet hier achterliet.

 

 

Daarna gaan we nog even wandelen door het stadje en gaan dan slapen. Morgen wacht ons een rit naar de staat Alabama.

 

 

 

 

 

Dag 11 (woensdag 11 mei 2022):

Cedar Key FL – Dothan AL– 150 miles

 

Vandaag is het de verjaardag van Lieselotje. Ze wordt vijf jaar. Ik maak een videootje met gelukwensen en stuur het haar op.

 

Ik heb minder goed geslapen deze nacht: het bed was te hard. We gaan ontbijten in de 2nd Street Café naast de deur. Ik doe mij tegoed aan een redelijk compleet Amerikaans ontbijt, met eieren, spek, gebakken aardappelen en getoast brood.

 

 

Het is lekker fris buiten, en dus veel aangenamer om te rijden.

De grote Floridaanse agglomeraties hebben we achter ons gelaten, en we rijden de ganse dag doorheen prachtige groene landschappen: Bossen, weiden, en zelfs hier en daar een grote akker. Het ene natuurpark volgt het andere op. De bebossing verandert ook regelmatig. Pijnbomen wisselen af met Virginiaanse eiken, van de welke het bladerdak het ganse jaar door groen blijft.

 

Hier en daar heeft een tijd geleden een grote bosbrand gewoed, maar heeft de natuur zich goed hersteld, zij het dan er geen hoge toppen meer te zien zijn behalve hier een daar een boomskelet.

 

 

Adams’ Inn lijkt wel wat aan de buitenkant, maar blijkt even later toch eerder wat groezelig. Nu, als je Azië hebt meegemaakt, kun je wel tegen een stootje.

 

 

We rusten even uit en gaan dan shoppen. Oliefilters hebben we niet onmiddellijk nodig, maar we kunnen verwachten dat deze mogelijk niet op voorraad zijn wanneer de olie ergens moet gewisseld worden. Ik vind al gauw wat ik nodig heb. Voor de KLR van Udo zullen we het elders moeten zoeken. Udo vindt wel een T-shirt, waarmee hij iets deftiger gekleed voor de dag kan komen.

 

We gaan eten, alweer bij de Mexicaan, en alweer een perfecte keuze: lekker, gezond en niet duur.

 

 

En dan slaag ik er ook nog in om mijn vierde Covid-vaccinatie geregeld te krijgen, helemaal gratis, maar met bijna een uur papierwerk voor de bediende. De vorige vaccinatie was alweer van meer dan 6 maanden terug. Ditmaal krijg ik Moderna. Ik hoop hiermee mijn risico op ziekte te beperken bij eventuele besmetting onderweg.

 

 

De vaccinatie vindt plaats in de supermarkt, in de apotheekafdeling. De melk welke ik vond in de zuivelafdeling mag ik afrekenen bij de apotheker.

 

 

 

Dag 12 (donderdag 12 mei 2022):

Dothan AL – Birmingham AL – 250 miles

 

Er is hier in Dothan geen ontbijt beschikbaar, dus stel ik zelf iets samen met koffie, yoghurt en muesli. De natuuryoghurt die ik gisteren kocht blijkt echter een zoete drink te zijn, en samen met de zoete muesli nauwelijks te eten. Gelukkig dat ik er zelf geen suiker aan toevoegde.

 

Een paar kamers verder verblijft Bill. Hij is hier op een zware BMW gekomen, is enthousiast over onze reisplannen, en geeft nog wat tips over te bezoeken plaatsen.

We rijden weg en stoppen pas in Troy, een veertig mijl verderop. Hier is een Kawasaki winkel, waar ook Udo een geschikte oliefilter vindt voor zijn KLR.

 

 

We gaan rechtover de motowinkel op de koffie in het Waffle House, om het karige ontbijt van deze morgen nog wat aan te vullen. Buiten hangt een bordje: manager en hulpje gezocht. We wachten, en wachten, maar worden niet bediend. We hebben geen zin om te wachten tot een manager aangeworven wordt, die dan nog een hulpje moet aanwerven, die ons dan kan bedienen, en we gaan hier dan maar weg, en vinden wat verder een koffie met een soort appelflap, eetbaar maar niet lekker. Misschien hadden we beter de dubbele wafel met kip ertussen genomen?

 

Het wordt ondertussen warm, maar gelukkig rijden we in landelijk bosrijk gebied met weinig verkeer. We zoeken de Selma to Montgomery National Trail op en belanden in het Visitor Center in White Hall. Deze Route herdenkt de vredelievende mars voor stemrechten voor de Afrikaans-Amerikaanse bevolking van de VS, geleid door Martin Luther King. Datzelfde jaar nog, in 1965, werd hen dan ook stemrecht toegekend. Het bezoekerscentrum is gesloten, dus rijden we verder naar Selma, waar de mars startte aan een brug. Op deze brug werd een paar weken vóór de mars een vredelievend protest voor stemrecht bloedig neergeslagen door ordetroepen.

 

 

Ook in Selma is het Bezoekerscentrum dicht. Het gebouw ziet er eerder verwaarloosd uit, net zoals het ganse stadje trouwens, dat nochtans architecturaal nog heel wat moois te bieden heeft. Het stadje schetst op die manier de dode letter welke de wet op papier aan de zwarte bevolking bied. Gewoon de passage door het troosteloze stadje is een hele belevenis op zich.

 

 

We passeren ook de kerk waar Martin Luther King de mensen opriep tot vreedzaam protest.

 

 

We komen rond 16 uur aan in Birmingham, bij de vrienden van Udo, Duitsers die naar hier emigreerden voor de uitbouw van een academische carrière. De ontvangst is hartelijk. We zijn, buiten de familie, de eerste gasten die zij hier sedert het begin van de Covid kunnen ontvangen.

Rudi en Claudia zijn dertig jaar geleden naar hier geëmigreerd om een leerstoel Wiskunde te bekleden aan de plaatselijke universiteit. Ze kochten al gauw een huis in de bosrijke omgeving, wat te vergelijken met Sint-Martens-Latem. Ze hebben twee dochters, de oudste is nog geboren in Duitsland. Ze is pediater. De jongste dochter woont vlak in de buurt en heeft twee hele jonge kinderen, die hier regelmatig opgepast worden.

 

 

 

Dag 13 (vrijdag 13 mei 2022):

Rustdag in Birmingham AL

 

Om halfzeven zit ik samen met Rudi aan een rustige lekkere ochtendkoffie in de lekker frisse veranda. Ook thuis is hij vaak aan het werk om papers op te stellen in verband met zijn werk.

Het klimaat is hier continentaal: De zomers zijn warm, omdat we hier maar even ver van de evenaar verwijderd zijn als Noord-Afrika. De winters kunnen toch koud zijn zoals bij ons, vanwege de continentale ligging en de hoogte boven de zeespiegel. Alles is mooi groen. De bomen verliezen hier ’s winters ook hun bladeren.

 

Van zodra Udo er ook is nemen we een gevarieerd vezelrijk granenontbijt met muesli en stukjes verse peer en aardbeien.

 

In de loop van de voormiddag gaan we winkelen. Onderweg valt het op dat het hier toch redelijk heuvelachtig is met mooie vergezichten, enigszins te vergelijken met de Ardennen. Birmingham is gelegen in de zuiwestelijke uitlopers van de Appalachen, een bosrijke bergketen die van boven New York tot hier loopt. Udo heeft een broek nodig en zoekt ook nog een zwembroek. Ik koop een petje, want vergat het mijne van thuis mee te nemen. Ondertussen lopen we wat rond om het aanbod van alles eens te aanschouwen. Winkels zijn hier meestal georganiseerd in commerciële parken, gelegen aan grote wegen, te vergelijken met onze meubelboulevards. Ook Aldi is hier vertegenwoordigd. Bij het voedsel valt vooral op dat de meeste voedingswaren veel duurder zijn dan bij ons. Heel vaak is het ook ultra bewerkt, met toevoeging van allerlei smaakstoffen en zoetmiddelen. Sommige supermarktjes hebben slechts een heel beperkt aanbod van verse voedingswaren.

 

Na het middageten gaan we wat rusten. Na een hele korte ‘power nap’ werk ik de blog wat bij, en probeer nog een en ander te plannen voor de komende week.

 

’s Avonds eten we BBQ Pork Ribs met bonen en salade. De dochter is er ook met haar man en de twee kinderen. De oudste is twee, de jongste 5 maanden. De ribbetjes smaken erg lekker. Ik hou mij in om mijn nachtrust niet in het gedrang te brengen. Ik proef even van de wijn: een Californische rode wijn gerijpt op houten vaten, ietwat te vergelijken met portwijn, stevig en aangenaam van smaak, en niet scherp.

 

 

 

Dag 14 (zaterdag 14 mei 2022):

Rustdag in Birmingham AL

 

Alweer goed geslapen. Hoewel het hier in de zomer ook veel kan regenen, hebben wij daar nog niet veel van gemerkt.

 

Na het ontbijt gaan we op stap downtown, naar het oude stadscentrum. Eerst nog even naar een lokale boerenmarkt, druk bezocht, met veel kraampjes, hier en daar wat variëteit, maar telkens een heel beperkt aanbod.

 

 

Het lijkt me dat het meer goede wil is dan professionalisme.

 

 

De prijzen zijn misschien wel hoog genoeg, maar de volumes die aangeboden worden toch wel te klein om er te kunnen van leven. Een klein orkestje brengt blues en wat verder is een Grass Roots bandje aan de gang.

 

 

Claudia koopt wat groenten voor deze avond.

 

Vervolgens brengen we een bezoek aan de eigenlijke binnenstad, waar nog heel wat statige gebouwen hun honderdjarig bestaan overleefd hebben.

 

 

We gaan lunchen, en eten kip Marsala op een terrasje tussen vele gezinnetjes.

 

 

Birmingham is ontstaan aan weerszijden van een groot spoorwegstation op de as New York – New Orleans. Er was hier destijds zware staalindustrie omwille van het ijzer en de steenkool in de grond. Vanop sommige plaatsen zie je nog in de verte de roestige relieken van de hoogovens, terwijl de treinen nu vooral timmerhout vervoeren op speciaal daarvoor uitgeruste wagons.

 

 

Op een braakliggend terrein naast de spoorweg is een park aangelegd: Railroad Park. Er is groen, plaats om te picknicken, te spelen, en ook plaats voor evenementen.

 

 

De oudste wijk is deze naast het station. De straten hebben nog kasseien.

 

 

 

Hier is ook de historische Alabama Peanut Factory, waar Pinda’s zowel geroosterd als gekookt worden.

 

 

Stationsgebouw met Amtrak en Greyhound, twee historische vervoersmaatschappijen die, de ene per spoor, de andere per bus, grote steden met elkaar verbinden over het ganse land.

 

 

We komen aan het kruispunt welke meer dan honderd jaar geleden de zwaarste buildings ter wereld stonden

 

 

Het Empire Building is er zo eentje van. We gaan iets drinken op het dakterras, net op tijd, want er barst net een onweer los.

 

 

’s Avonds eten we groenten bereid in de oven: zoete aardappelen, worteltjes, broccoli, kleine courgetten. Het geheel is slechts 20 minuten in de oven geweest, is wel reeds gaar maar niet papperig, en best lekker. Nadien krijgen we nog een crème brulèe ten beste.